Personeelswerving

Arbeidsmarkt

Ruim vier op de tien werkgevers verwachten dat het moeilijker wordt om vacatures te vervullen. Van deze bedrijven denkt 60 procent dat dit tot hogere werkdruk bij het huidige personeel leidt. In het onderwijs en de zorg is dit percentage nog hoger. Het UWV heeft dat vorige maand bekend gemaakt op basis van een eigen onderzoek onder ruim 6.700 bedrijven.

Uit de enquête blijkt dat 40 procent van de vacatures moeilijk vervulbaar is. Dit is een stijging ten opzichte van vorig jaar, toen nog een derde van de vacatures lastig in te vullen was. Doordat het voor werkgevers steeds lastiger is om personeel te werven, komt er meer druk op het huidige personeel. Van de bedrijven binnen zorg en welzijn die verwachten dat het moeilijker wordt om vacatures te vervullen, denkt 70 procent dat dit zal leiden tot meer werkdruk. Bij onderwijsinstellingen is dit 85 procent. Wervingsproblemen zijn het grootst voor ICT-beroepen (70 procent) en technische beroepen (64 procent). In de zorg en het onderwijs geldt dit voor de helft van de vacatures. Werkgevers vinden voor bedrijfseconomische, administratieve of creatieve functies makkelijker personeel.

Te weinig sollicitanten

Werkgevers plegen extra inspanningen om moeilijk vervulbare vacatures alsnog vervuld te krijgen. Ze doen dit met name door het aanpassen en uitbreiden van het wervingstraject. Bedrijven laten vacatures langer open staan, plaatsen vacatures via andere kanalen of zetten hun eigen netwerk in bij de zoektocht naar kandidaten. Ook bieden werkgevers opleidingen aan voor sollicitanten die de juiste kwalificaties missen of schakelen ze een intermediair in, zoals een headhunter of uitzendbureau. Uiteindelijk lukt het bedrijven om bijna twee derde van de moeilijk vervulbare vacatures (alsnog) in te vullen. Bij vacatures die moeilijk vervulbaar zijn, worden vaak specifieke functie-eisen gevraagd. Dit zijn bijvoorbeeld een (vak)diploma of certificaat, relevante werkervaring, specifieke vakkennis en Nederlandse taalvaardigheid. Volgens werkgevers blijven vacatures vaak langer open staan omdat er weinig sollicitanten zijn. Ook is er soms sprake van een gebrek aan relevante werkervaring of vakkennis bij sollicitanten.

Toenemende wervingsproblemen vragen om alternatieve oplossingen. Op de korte termijn, aldus het UWV, kunnen werkgevers intensiever werven of de functie-eisen aanpassen. Als deze oplossingen niet afdoende zijn, kan een werkgever denken aan lange termijnoplossingen, zoals het werven onder andere doelgroepen dan de werkgever gewend is en het anders verdelen van taken binnen de eigen organisatie.

Algemene krapte

De krapte waaiert alsmaar breder uit over de arbeidsmarkt. In steeds meer beroepsgroepen melden werkgevers een tekort aan geschikt personeel, aldus recent onderzoek van UWV.

‘Waar er een paar jaar geleden vooral tekorten waren in de techniek en de ict, ontstaat de krapte nu in steeds meer richtingen. Vooral vakmensen worden gezocht. Van hoveniers, glazenwassers en vrachtwagenchauffeurs tot verzorgenden en restaurantkoks. In de techniek is er op alle niveaus een tekort aan personeel. Van grondwerkers, stukadoors en monteurs tot werkvoorbereiders, projectleiders en werktuigbouwkundigen. In sommige richtingen blijft de krapte beperkt tot hbo en wo-opgeleiden. Zo zoeken werkgevers in het onderwijs docenten techniek en exacte vakken en is er in veel sectoren een tekort aan ict’ers, zoals programmeurs en security specialisten’, stelt de instantie vast.

Strategieën

Het UWV ziet dat werkgevers zoeken naar allerlei manieren om vacatures toch vervuld te krijgen. Door intensiever te werven of de functie-eisen en arbeidsvoorwaarden aan te passen, is de oplossing ‘soms snel gevonden’. Als deze oplossingen niet afdoende zijn, zijn er door de bank genomen drie strategieën die werkgevers toepassen: ze kunnen een beroep doen op nieuw talent van binnen of buiten de organisatie, werkprocessen anders organiseren of trachten huidig personeel langer vast te houden door ze te binden aan de onderneming. 

Thema's