|
STELLING VAN DE WEEK
De woonboulevard als marketinginstrument lijkt zijn scherpte te hebben verloren. De Vereniging van Woonboulevards maakt zich zorgen over de toekomst, terwijl ondernemers juist met initiatieven komen om nieuwe centra van de grond te tillen. De een zet in op thema’s, de ander gaat juist voor een commercieel koopcentrum. De stelling: “Woonboulevards zijn helemaal niet achterhaald’ Reageren svp voor komende dinsdag 16 juni, 12.00, uur door een mail te sturen naar redactie@meubel.nl. |
LEUSDEN Trendhopper Holding kent in de persoon van Karin Bakker weer een nieuwe algemeen directeur. Haar benoeming eind mei in die functie geldt als de formalisering van haar positie als eerst verantwoordelijke voor de dagelijkse gang van zaken van de interieurformule. Bakker is al sinds vorig jaar november als interim-manager op die positie actief. Volgens een verklaring, uitgegeven door Trendhopper, waarin haar benoeming bekend wordt gemaakt raakte Bakker in het voorjaar van 2008 als commercieel directeur bij het bedrijf betrokken. |
ZEIST Het idee dat consumenten meubels in een winkel willen zien, voelen en uitproberen voor er eentje wordt aangeschaft is achterhaald. Proefzitten en de hand over de stof laten glijden kan ook thuis, na een bestelling via internet van een zichtzending. Interieurondernemers die denken dat potentiële kopers ook in de toekomst naar de winkel zullen blijven komen om een meubel uit te proberen, strooien met dat idee zichzelf zand in de ogen. Dat is de boodschap die CBW-directeur Robert van de Weerd stopt in zijn vermoedelijk laatste bijdrage aan het ledenblad CBW Magazine. Van de Weerd zwaait af met een receptie in het Muziekgebouw aan ’t IJ in Amsterdam, hem aangeboden door de vereniging. Hij vertrekt aan de vooravond, letterlijk, van de start van de nieuwe branchevereniging CBW-Mitex. Ook CBW-voorzitter Jaap Koster grijpt die gelegenheid aan om zich uit het bestuur van de vereniging terug te trekken. Jan Meerman, de huidige voorzitter van Mitex, wordt per 1 juli voorzitter van de nieuwe organisatie. Van der Weerd ziet de detailhandel voor ‘nieuwe richtingen’ staan. “De fysieke distributie louter via winkels heeft zijn langste tijd gehad.” Hij ziet een wezenlijke verandering van de rol van winkeliers. “Wij zijn daar totaal niet op ingesteld”, schrijft hij. |
AMSTERDAM ING Economisch Bureau voorziet voor de korte termijn geen verbetering van de positie van de detailhandel in Nederland. In haar jongste marktbericht spreekt ING EB de verwachting uit dat de omzet over heel 2009 daalt met gemiddeld 2,7 procent ten opzichte van de omzetscore over het vorig jaar. Voor de woninginrichting houdt het bureau rekening met een omzetdaling voor dit jaar van zelfs 6,5 procent. In het eerste kwartaal daalde de omzet in de detailhandel met gemiddeld 3,8 procent. De prijzen kwamen gemiddeld 2.1 procent hoger uit dan een jaar eerder. Het bureau, onderdeel van ING, voert bijna permanent marktverkenningen uit. Een verbetering in de loop van 2010 ziet er vooralsnog niet in, is de prognose. “Het sentiment bij de consument is hierin bepalend. Hoewel in 2010 het vertrouwen bij de consument wellicht beter zal zijn dan nu, zal de ‘werkelijke’ situatie, denk aan werkloosheid en inkomensontwikkeling, er beduidend slecht voor staan dan in 2009. Mede daardoor zijn ook de vooruitzichten voor 2010 voor de Nederlandse detailhandel nog allerminst gunstig”, aldus de rapporteurs. Een van de belangrijkste punten voor de detailhandel zal de liquiditeit zijn, is de vaststelling. “Door de soms sterke vraaguitval met bijkomende voorraadproblemen komt deze onder druk te staan, terwijl liquiditeit broodnodig is om de inkoop te financieren.” |
DEN HAAG Het aantal beddenwinkels van Hästens in Nederland is in korte tijd gehalveerd tot zestien. Volgens een bericht in de Telegraaf zouden dealers het hoofdkwartier gebrek aan visie en financiële steun verwijten. Door faillissementen van Hästens-winkels zijn grote hoeveelheden bedden op de markt gekomen, die voor lagere prijzen dan de reguliere winkelprijzen worden aangeboden. Door het op de markt komen van vergelijkbare producten tegen (veel) lagere tarieven, zouden overgebleven winkels met producten van Hästens in het aanbod in de problemen zijn gekomen. Producten van Hästens zouden via internet per opbod zijn verkocht. De reguliere handel in Hästens zou daardoor in moeilijkheden zijn gekomen. Zozeer, dat marges tot nul zouden zijn gereduceerd. In een reactie in de krant laat Hästens weten dat het ‘allemaal de schuld van de crisis’ is, en niet van gedwongen leegverkopen. Dealers van Hästens zijn eigen ondernemers en geen franchisers. De prijskaartjes van de bedden mogen naar eigen inzicht worden ingevuld. Hästens geeft slechts ‘adviesprijzen’. De fabrikant laat weten niet van de winkels in Nederland af te willen. De gaten die zijn gevallen in het dealernetwerk denkt het bedrijf in de toekomst opnieuw te kunnen vullen. |
DEN HAAG Leegstand en een gebrek aan voldoende animo van consumenten om juist dáár inkopen te doen, brengen het voortbestaan van het verschijnsel ‘woonboulevard’ zoals we die nu kennen in gevaar. Voorzitter Dolf Vogd van de Vereniging van Meubelboulevards ziet vooral in een drastische herontwikkeling van de locaties een mogelijkheid om woonboulevards als verkoopmodel overeind te houden. Vogd uit zijn zorgen in dezelfde periode als waarin woonboulevard Da Vinci in Alphen aan den Rijn is geopend. En woonboulevard Spijkenisse haar voltooiing nadert. Vogd pleit voor een studie naar inrichting en thematiek van nieuw te ontwikkelen woonboulevard. “Herontwikkeling is een noodzaak voor het voortbestaan van wooncentra in het algemeen”, vindt hij. Vogd is in het dagelijks leven directeur van Vesta ‘Weergaloos Wonen’ in Groningen. Hij ziet de leegstand van winkelruimtes op meubelcentra, en de vooral afwezigheid van voldoende bezoekers. Vogd signaleert een teveel aan verkoopvloeroppervlakte. Retailers en ontwikkelaars zouden zich moeten afvragen in hoeverre een woonboulevard nog actueel is. “Sluit een perifeer centrum nog wel aan bij het winkelplezier van de bezoeker?” Het Hoofdbedrijfschap Detailhandel bracht in 2004 een studie uit, uitgevoerd naar de conditie en toekomstmogelijkheden van een aantal meubelboulevards in Nederland. Een dergelijke studie wordt momenteel opnieuw uitgevoerd. In 2004 telde Nederland 77 centra met samen een surplus, aldus de onderzoekers, aan vierkante meters. Volgens Vogd heeft zich de situatie niet echt verbeterd. Een constatering als een ‘open deur’, zoals hij het zegt. “Het aantal meters is alleen maar toegenomen. Sterker nog, mede in het licht van financiële crisis, is er sprake van schrijnend te veel vierkante meters.” |